Voor het leven getekend

27. mei, 2015

Gabi werkt inmiddels alweer twee maanden bij the Wicked Crow. Ze heeft daar een mentor gevonden die haar de fijne kneepjes van het vak bijbrengt in de richting waarin zij zich wil specialiseren; realistic art.
Ik gun haar het allerbeste, maar eerlijk is eerlijk, ik mis haar wel in de shop. Alle girlstalk (kleding, make-up,  lekker eten en Tony Soprano), onze heerlijke lunches samen, de geheimen die we deelden, maar ook het ietwat cynische gevoel voor humor dat ons verbond als collega's - en later ook als vriendinnen- en waar ik nu niemand meer mee kan vervelen, ik mis het.

Gelukkig is de nieuwe shop waar ze werkt niet ver weg en ik besluit er een kijkje te gaan nemen. Als ik aan kom lopen staat Gabi me buiten al op te wachten. Als een blije kleuter rent ze me tegemoet en slaat haar armen om me heen. 'I missed you so much!'
Trots houdt ze de deur voor me open van haar nieuwe werkplek. Eenmaal binnen valt me direct de stijlvolle inrichting op. Alles is paars met zwart, netjes geordend en brandschoon. Ik kijk mijn ogen uit naar alle kunst die ingelijst aan de muren prijkt. Diverse stijlen, maar allemaal even mooi. Even word ik afgeleid door Nikò. Een kleine fijngebouwde charmante Italiaan  met een gekleurde hanenkam en een snike bite (twee piercings aan weerskanten onder de onderlip) die me welkom heet.

Gabi neemt me mee naar de keuken waar Paolo bezig is een ontwerp te tekenen. Japans. Prachtig! Paolo is ook de man die alles weet van tattoos weg laseren. Ook hij is Italiaans. Hij doet me denken aan de zanger van Bloodhound Gang. Gabi's mentor Rudy is er nog niet.
Paolo neemt al snel het gesprek over en vertelt me alles over de shop, over de dingen die ze hier doen, hoe alles er in the Wicked Crow aan toe gaat, de kunstacademi waar hij op heeft gezeten. Ook toont hij me de portfolio's van alle artiesten. Ik ben onder de indruk.

Plotseling schalt er een keiharde boer door de studio.
Rudy is binnen. 
Hij geeft me een hand. 'Rudy Kowalsky', zijn scherpe blik valt direct op de tattoo in mijn nek.
'What the hell is that?' vraagt hij me direct op de vrouw af in een onmiskenbaar Pools accent terwijl hij mijn haar opzij doet.

'Wat?'

Rudy windt er geen doekjes om. Hij zegt wat hij denkt. Deze eigenschap heeft hem al heel wat keren in de problemen gebracht en hem zelfs diverse banen gekost maar ik kan een dergelijke recht-voor-z'n-raap-houding wel waarderen. Daarbij; hij heeft gelijk.
De tattoo in mijn nek is er eentje waar ik al heel lang niet blij mee ben. Ooit is deze gezet door iemand van wie ik dacht dat hij wist wat hij deed, maar...helaas is het helemaal mis gegaan. Dit soort dingen zie je altijd pas achteraf. Wanneer het er eenmaal op staat. Het betreft een old skool rose. Op zich is de roos niet eens heel verkeerd, maar tijdens het tatoeëeren heeft de artiest er kennelijk geen moment bij stil gestaan dat ik ook wel eens mijn hoofd beweeg.

En daar gaat het mis. De roos zit links in mijn nek. Maar als ik mijn hoofd naar rechts draai, rekt de roos uit en verandert  van het ene op het andere moment in een soort lange kattendrol. Gabi, die het nooit eerder was opgevallen (ik draag mijn haar er altijd voor) zit tegenover me aan tafel en komt niet meer bij van het lachen. 'O mai kot!' roept ze uit. 'It lllooks lllike a grrrowing penis!' Haar Oostblokse tongval met de dikke L en de rollende R maken het allemaal nog erger dan het al is.

Iedereen wordt erbij gehaald. Nikò, Paolo. Er wordt me uitgelegd wat er verkeerd is gegaan tijdens het plakken van het stencil destijds en mijn tattoo wordt vanaf dat moment 'penisrose' genoemd.

Ik liep al langer rond met het plan het ding te laten weglaseren, en nu helemaal. Maar Rudy beslist ter plekke dat dat niet nodig is en dat hij er prima nog iets van kan maken. Ik heb zojuist zijn portfolio gezien en vind hem zeker een goed artiest. Toch twijfel ik nog. 'Are you sure?

Veel tijd om na te denken heb ik niet. Rudy is 'the bossy type' zoals hij het zelf omschrijft  ('But I have my reasons for that') en voor ik het weet zet hij me op een kruk, trekt die naar zich toe tot ik in de voor hem gewenste positie zit en begint uit de vrije hand met een marker allerlei dingen om de piemelroos heen te tekenen. Meestal sta ik niet zo snel met mijn mond vol tanden maar op de een of andere manier heb ik vandaag niets te vertellen. En dus laat ik het maar gebeuren.

Als Rudy klaar is en Nikò me de spiegel voor houdt ben ik helemaal sprakeloos. Wow! En dat zomaar uit de losse pols.
'Good', zegt Rudy en voor ik het weet heeft hij potjes inkt gevuld en lig ik op zijn bed. Rudy praat niet veel, maar de paar dingen die hij zegt komen nors over. Hij praat in korte zinnen, zegt niets overbodigs. Ik vind het prettig. Ook zijn manier van werken spreekt me aan. Geen getrut. Hij pakt zijn machine, zegt: 'Here we go' en gaat aan het werk. Aan een stuk door. Zijn naald voelt zoals hijzelf. Direct, beslist en straight to the point.

Na verloop van tijd durf ik hem een paar vragen te stellen en geeft hij me warempel ook antwoord.
Rudy heeft nooit een mentor gehad. Alles wat hij doet heeft hij zichzelf aangeleerd. Als kind kon hij al prachtig tekenen. Toen hij 13 was werd hij door een 19 jarige jongen gedwongen een tattoo bij hem te zetten. Ondanks die eerste tattoo uiteraard helemaal mislukte, vond hij het leuk en sindsdien is het zijn passie.
Als mijn nieuwe roos een feit is maakt Rudy wat foto's en legt me middels de ingezoomde beelden op de camera uit wat hij heeft gedaan. En maken we direct een nieuwe afspraak voor mijn volgende tatoeage.

Want Rudy speelt niet de baas. Hij is een baas!

26. mei, 2015

Tattooshops en kinderen. Een onmogelijke combinatie.
Toch zijn er altijd mensen die dit willen uitproberen. En tegen beter weten in toch hun kinderen meetronen naar de shop. Omdat ze geen oppas kunnen vinden of omdat het tijdens het winkelen op komt als poepen om even wat informatie in te winnen over een tatoeage of een piercing te laten zetten.


Behalve dat het kind mee naar binnen wordt genomen, wordt er meteen ook blind van uit gegaan dat de shopmanager (in dit geval ik dus) op het desbetreffende kind zal passen. Ik ben zelf moeder van drie kinderen, oma van twee kleinkinderen en heb zelfs nog een poosje gewerkt als onderwijsassistente op een basisschool. Ik ben dus redelijk bekend met het begrip 'kind'. Maar dat wil niet zeggen dat ik ook in de tattooshop - wat totaal geen geschikte plek is voor kinderen - de verantwoording voor andermans nageslacht wens te nemen.
De prullenbakjes die er her en der staan verspreid leeg ik persoonlijk nooit zonder eerst latex handschoenen aan te trekken en neem van mij aan dat je de diverse 'sharp boxes' waarin de vuile naalden zitten te wachten op hun laatste rit naar de apotheek, ook niet met blote handen wilt aanraken.


Kinderen zijn vlug als water en als je heel even niet oplet, kan het dus zomaar gebeuren dat een peuter of kleuter een greep doet in een van deze levensgevaarlijke grabbeltonnetjes waarbij de prijzen varieren van  HIV tot een spannende variant van Hepatitis. Als ik druk ben met andere dingen - die in tegenstelling tot het oppassen op kinderen wel tot mijn takenpakket behoren - wil ik hier dus beslist niet aansprakelijk voor kunnen worden gesteld.
Naast de rondwandelende exemplaren zijn ook de kinderen die nog niet kunnen lopen niet welkom bij ons. 'Maar ze liggen in de wagen'...is het veelgehoorde excuus van de papa of mama. Wat ze op dat moment even ontgaat is dat kinderen die nog niet kunnen lopen vaak wel al heel hard kunnen janken. En dat een plotselinge sirene die op een onverwacht moment wordt ingezet echt storend kan zijn voor de artiesten die zich op hun werk proberen te concentreren. Eenmaal een kras gezet van schrik is deze niet zomaar weer weg te gummen!


Om te voorkomen dat er ongelukken gebeuren heb ik dan ook uit voorzorg een bordje op de deur gehangen waarop een kind in een verbodsbord staat afgebeeld. Op de toonbank staat luid en duidelijk de tekst: 'Children left unattended will be sold to the circus'. De bordjes brengen doorgaans veel gegrijns en hier en daar zelfs een schaterlach teweeg. Slechts een enkeling neemt de boodschap serieus en blijft daadwerkelijk buiten met zijn kroost.


Op een dag komt er een moeder binnen met aan haar hand een krijsende peuter. Ze is tijdens het winkelen het balletje van haar lippiercing verloren en vraagt ons om een nieuwe. En of we deze ook even op haar staafje willen draaien want dat kan ze zelf niet.
Terwijl Gabi naar de piercingcorner loopt om een sieraadje te pakken, wendt de jonge moeder zich automatisch tot mij en zegt alsof we al jaren vriendinnen zijn: 'Kun jij effe op hem letten?' Haar toon is dwingend. Verbaasd kijk ik achter me of er nog iemand is meegekomen. Maar nee. Ze heeft het echt tegen mij. Ik heb absoluut geen zin om achter een brullend kind aan te rennen, zeker niet met de vanzelfsprekendheid waarmee dit van mij verwacht wordt en beantwoord haar vraag dan ook met 'Nee.'


Ik doe het ook echt niet en de vrouw kijkt me aan alsof ze water ziet branden. 'Verboden voor kinderen', zeg ik wijzend op het bordje op de deur terwijl het kind jankend, dreinend en schreeuwend als een voetzoeker door de shop raast. Gabi heeft in een wip het balletje erop gedraaid. Voor de vrouw de shop verlaat biedt ze wel nog haar excuses aan.


Op de een of andere manier lijken veel mensen te denken: we gaan naar een tattooshop, daar lopen toch allemaal aso's rond dus daar hoef ik mijn kind ook niet in het gareel te houden. Met als gevolg dat koters van drie turven hoog de hele lollypot leegharken, formulieren kapot scheuren, spullen van de toonbank graaien en ander onuitstaanbaar gedrag vertonen. Zonder dat papa of mama hier ook maar iets van zegt.  

Kortom; kinderen in de shop, ik heb er een hekel aan. Ik stuur ze dan ook altijd weg.

Tot op een dag Anoek voor me aan de balie staat. Anoek is meegekomen met haar moeder die op haar beurt weer haar vriendin vergezelt die een tattoo komt laten zetten. Kleine Anoek is een jaar of acht. Voor ik ook maar iets kan zeggen overhandigt ze me een boekje met tekeningen die ze zelf heeft gemaakt. 'Tatoe ontwerpen' staat er op de kaft. Schattig.

Ik blader het boekje aandachtig door en stuit dan op een tekening van een skelet. Een magere Hein met harkjes als armen en benen. Geweldig! Met het oog op de naderende Halloween actie hang ik de prent aan de muur vol in het zicht boven de toonbank. 'Wie weet komt er iemand die zegt: die wil ik!' knipoog ik naar haar. Anoek glimt van trots. Haar moeder en haar vriendin glimmen met haar mee en lachen.
'Ja lach maar...' waarschuw ik hen. 'Kat von D is ook ooit zo begonnen.'

De moeder van de jonge kunstenares maakt een foto van de tekening aan de muur en appt die naar haar vriend. Waarop deze direct reageert met: 'Reserveer hem maar. Die wil ik!'
En dan gaat het heel snel. Binnen een uur is het ontwerp verkocht en de afspraak gemaakt. Anoeks tekening wordt een heuse tattoo. De vriend van Anoeks moeder blijkt overigens niet Anoeks vader te zijn.
'Hoe lang zijn jullie nu bij elkaar?' kan ik mijn nieuwsgierigheid niet bedwingen.
'Twee weken', giechelt mama.
Toe maar, denk ik. 'Tot de dood ons scheidt' en dat al na veertien dagen en getekend door je kersverse stiefdochter. Als dat geen echte liefde is!

Tattooshops en kinderen. Soms – met de juiste (stief)ouders - werkt het dus toch.

13. mei, 2015

Gabi heeft een besluit genomen. Ze wil meer leren op het gebied van tatoëeren in realistische stijl. Portretten, dieren, natuur, alles wat in verband staat met better than real life tattoos. Ik betreur het dat ze weggaat, maar begrijp ook dat ze elders meer kan leren op dit gebied en hiervoor een mentor nodig heeft die wij haar niet kunnen bieden.

Haar vertrek heeft echter wel consequenties voor mij. Gabi is namelijk niet alleen tattoo artist, ze is ook nog eens onze vaste piercer. Tatoeërders hebben we volop, maar piercers niet. Ik zal dus Gabi's plaats moeten innemen op dit gebied, willen we geen klanten verliezen. Gabi is op zoek naar een nieuwe mentor, maar wordt zelf de mijne. Ik ga bij Gabi in de leer.

De eerste piercinglessen bestaan uit het leren uit elkaar houden van de verschillende soorten tools. Tangen, klemmen, scharen en de rest. Wat gebruik je waarvoor. En hoe.

Wanneer het me duidelijk is waarvoor alles dient en hoe het moet worden gebruikt, volgt het doen van de set-ups. Voor er iemand gepierced wordt is het mijn taak de tafel te ontsmetten met alcohol en deze af te dekken met dental bibs (de zwarte gegolfde papieren onderleggers cq servetten) de juiste tangen en klemmen erbij te zoeken, en een marker, alcoholdoekjes en uiteraard het passende sieraad klaar te leggen.

Uiteraard sta ik er ook met mijn neus bovenop wanneer Gabi allerlei navels, oren, tongen, wenkbrauwen, nekken, tepels, neuzen en lippen (zowel boven de kin als onder de gordel) doorboort.

Wanneer ik exact weet hoe de piercingnaalden te hanteren en Gabi mij diverse malen diverse stukken karton heeft laten piercen, is het dan eindelijk tijd voor mijn eerste echte neus. Ik mag oefenen op Clive. En het lukt! Zonder problemen is Clive in een mum van tijd een neusbel rijker. En ik een fractie prikvrees armer.

En dat is maar goed ook, want de tijd begint te dringen. Over een paar weken is Gabi weg en zal ik zelf de klanten moeten perforeren. Na hier en daar nog wat geoefend te hebben op mijn vriendinnen is het zetten van een neuspiercing geen enkel probleem meer voor me en ben ik klaar voor mijn eerste echte klant.

Op een dinsdagmorgen als we net zijn geopend en Gabi en ik met zijn tweetjes in de shop staan, komen er twee dames binnen. Ik schat ze eind dertig, begin veertig. Ze willen graag een neuspiercing. Allebei. Het zijn zeer aanwezige types. Ze praten te luid, lachen te hard en schudden te wild met hun haar. Ze ogen nerveus; hoewel de een iets meer dan de ander. Ik noem ze Trees en Toos.

Gabi en ik spreken af dat Gabi eerst Toos, de grootste zenuwbonk zal prikken, dan heeft zij het maar gehad. Ik doe daarna Trees; nummer twee.

Als ik de set-up heb gedaan en Toos – nogsteeds op van de zenuwen- plaats neemt in de stoel, probeer ik haar gerust te stellen door haar uit te leggen wat Gabi gaat doen. Eerst wordt de neus gemarkeerd en pas daarna zal de naald erin gaan en het sieraad erin worden geplaatst. Toos knikt. 'Jaja, is goed. Doe maar.'

Wat Gabi en ik ook zeggen, Toos blijft zenuwachtig knipperen met haar ogen, zuchten en giechelen. Gabi heeft inmiddels haar neus van een rode stip voorzien en is klaar om de naald erbij te halen.

'Are you ready?' vraagt Gabi nog voor alle zekerheid. Toos knikt. Alsof het een bevalling betreft help ik haar op de juiste manier adem te halen. Braaf doet ze me na.

En dan zit de naald erin. Toos heeft de tranen in haar ogen staan, een normale fysieke reactie. Maar dan gaat het heel snel. De naald gaat eruit en het sieraad wordt behendig in het gaatje gestoken. De piercing is een feit. Toos vraagt of het al klaar is en als we dit bevestigen lijkt ze heel even blij en opgelucht. 'Dat ging best snel', zegt ze.

'Hoe voel je je?' vraag ik haar.

'Ik ben wel een beetje duizelig.'

Ik adviseer haar even te gaan liggen en rustig aan te doen.

'Dit is de ontlading', leg ik haar uit. 'Je was zo gespannen en nu is het voorbij. Blijf rustig ademen. In door de neus, uit door de mond. Relax. Wil je een dextrootje?'

Maar dan begint Toos plotseling te verkleuren. Haar gezicht wordt eerst wit en dan groen.

En dan gebeurt het. Zomaar uit het niets komt in een grote oranje tsunami alle spanning eruit. Haar eigen kekke truitje en hippe skinnyjeans krijgen de volle laag. Gabi en ik springen allebei een kant uit en weten nog net de rondvliegende zure spetters te ontwijken.

Dan staat Toos op en een volgende lading klettert in een grote plas brokkenpap op de zwart wit geblokte vloer.

Trees staat erbij en kijkt ernaar. Ze kokhalst maar weet het gelukkig binnen te houden. 'Ik ga even naar buiten' laat ze me weten.

Ik wou dat ik dat kon zeggen...

Als we denken dat het klaar is en haar gerust willen stellen blijkt ze nog meer in petto te hebben. Ze neemt een spurt naar de keuken waar ze voor de gezelligheid de wasbak nog even aandoet en verdwijnt tenslotte in het toilet waar het feest uiteindelijk eindigt.

Wanneer de braakparade eindelijk is afgelopen komt Toos beduusd de shop weer binnenlopen en zegt dat het haar spijt. En natuurlijk laten we haar weten dat het helemaal niet erg is.... Geeft allemaal niks.

Ik zet de deur naar buiten open voor de broodnodige frisse lucht en help haar samen met Gabi zo goed en zo kwaad als het kan met het uittrekken van haar kleding. Schoonmaken is onbegonnen werk. Alles verdwijnt in een grote vuilniszak en wordt direct weggegooid in de container tegenover de shop. We slaan haar een deken om de schouders terwijl ondertussen Trees zich met de pinpas van Toos in de aanslag naar de dichtstbijzijnde kledingzaak haast om een nieuw truitje en een spijkerbroek te kopen.

Met grote stukken karton scheppen Gabi en ik met handschoenen aan de oranje brei van de grond en uit de gootsteen. Daarna volgen de dweilen en de emmers met Dettol en met een half uurtje is alles weer schoon en fris. Alsof er nooit iets gebeurd is.

Inmiddels hebben we een nieuwe piercer aangenomen.

 

13. mei, 2015

Juist wanneer ik een ontwerp wil uitprinten, krijg ik op het scherm de mededeling te zien dat de inkt cardridge vervangen dient te worden. Helaas blijkt de voorraad ook op, slordig van me.

'Een tattooshop zonder inkt is als een kroeg zonder bier', is het credo van mijn baas. En daar heeft hij gelijk in. Dit kan niet.

Ik kijk in de agenda en zie dat er straks een afspraak staat gepland voor Gabi. Daar heeft ze mij niet direct bij nodig, dus besluit ik even snel de stad in te gaan om nieuwe cardridges te halen. Engelsman Clive heeft pas over een uur zijn eerste afspraak, dus hij belooft de telefoon op te nemen en eventuele binnenlopers te woord te staan tijdens mijn afwezigheid.

In de stad loopt het allemaal een beetje tegen. De cardridges die ik nodig heb bestaan nog wel, maar zijn enkel nog online te verkrijgen volgens de winkelier. Maar ik heb ze nu nodig! Pas drie winkels later heb ik geluk. Eindelijk! We kunnen weer printen! Snel keer ik terug naar de shop.

Wanneer ik binnen kom, ligt Gabi's klant al op zijn buik op de behandeltafel. De kleine man is vriendelijk, maar zegt weinig. Roerloos en zwijgzaam ligt hij op het bed. Lekker rustig dat wel.

Hij laat een flink rugstuk zetten. Hij heeft gekozen voor een realistisch ontwerp waarin Gabi gespecialiseerd is. Het wordt prachtig, maar wel een hele klus. Toch geeft hij geen kik. Soms lijkt het zelfs of hij slaapt. Zo nu en dan ga ik bij hem kijken om te vragen hoe het gaat. En om te zien of hij nog ademt.

Maar alles gaat goed. Willem oogt blij en lijkt nergens last van te hebben. Wat ik hem ook vraag, het antwoord luidt steevast: 'Prima'. Ik kijk in de agenda welke naam daar genoteerd staat, maar daar staat alleen: meneer de Zwijger. Ik schiet in de lach.

Zijn voornaam staat er niet bij vermeld. In gedachten noem ik hem Willem.

'Wilt u misschien iets drinken?' vraag ik hem als Gabi een korte rookpauze inlast. 'Prima', zegt Willem. 'Thee, koffie? Misschien wat fris?' 'Thee is prima'. 'Suiker?' 'Prima!' Willem gaat rechtop zitten en ik geef hem een bekertje thee. Ik weet niet zo goed wat ik met hem aanmoet, dus glimlach ik maar even naar hem. Willem glimlacht terug. Misschien heeft hij gewoon niet zo'n grote woordenschat, dat komt voor. Of hij denkt: 'Mens, laat me toch met rust met je geouwehoer.' Dat kan natuurlijk ook.

Ik besluit het balletje bij hem neer te leggen.

'Als u iets nodig heeft laat u het me maar weten', bied ik hem aan.

Willem knikt. 'Ja. Prima.'

Na nog eens twee uur prikken, is Willem eindelijk klaar. Voor vandaag. Terwijl ik in het magazijn het gereedschap aan het steriliseren ben en met handschoenen aan de spullen sta schoon te borstelen, laat Gabi me weten echt heel erg nodig naar de WC te moeten en vraagt mij of ik alsjeblieft even wil helpen. Ik vraag me af waarmee, maar Gabi is al het toilet in gerend. Ik kijk om een hoekje naar wat Willem in de shop aan het uitspoken is, maar die zit gewoon netjes – nog steeds stilzwijgend - rechtop op het bed.

Als hij me ziet kijkt hij me vriendelijk knikkend aan. Zijn voeten bungelen losjes boven de grond. 'Hoe voelt u zich?' vraag ik voor alle zekerheid. Soms worden mensen wat duizelig of misselijk. Maar Willem niet. 'Prima!' Ik kijk naar wat er op zijn rug aan de hand is, maar Gabi heeft hem al netjes verbonden met folie en tape.

Wat is dit, een quiz? Wat moet ik doen?

Mezelf nog steeds afvragend waar Gabi mijn hulp voor nodig heeft vraag ik dan maar: 'Wilt u eraf?' Willem is klein dus misschien vindt hij het eng om van de behandeltafel af te springen. Ik kan anders ook even niets verzinnen. WIllem knikt. A-ha. Dus dat is het.

Ik loop terug naar het magazijn, trek mijn handschoenen uit en was mijn handen waarna ik Willem een hand geef en hem voorzichtig doch ferm van het bed af help. Hij is zo licht als een veertje.

Zodra Willem staat en ik me wil omdraaien om weer verder te gaan met waar ik mee bezig was, zie ik in een flits achter het scherm van de piercingcorner een rolstoel staan. Op hetzelfde moment hoor ik achter me een doffe dreun gevolgd door een verschrikte kreet van Gabi die juist op dat moment de shop weer binnen komt lopen.

'Nathalllee!' roept ze met haar koddige Oostblokse dikke 'L' accent. 'He can't walllk!'

Mijn hart staat even een moment stil om daarna direct op hol te slaan. Wat heb ik gedaan! Ik maak Willem- die als een vormeloze hoop bewegingloos met zijn gezicht plat op de vloer ligt -duizend excuses en het huilen staat me nader dan het lachen. Wat heb ik met hem te doen. 'Het spijt me zo meneer, wat erg. Sorry! Ik wist het niet!'

Ik zie mijn geest al dwalen. Mankeert hij iets? Heeft hij een gebroken been? Een hersenschudding? Gebroken neus? Schedelbasisfractuur? Hij ligt er zo raar bij! Moet ik hem naar de dokter brengen? Een ambulance bellen? Heeft hij pijn? Is hij dood?

'Meneer, hoe voelt u zich? Gaat het wel met u?'

Alsof het maken van een doodklap de gewoonste zaak van de wereld is en hij dagelijks met zijn benen half in de tist met zijn rug verpakt in diepvriesfolie als een wokkel op de grond ligt, klinkt het gedempt doch welgemeend onder de tafel vandaan:

'Ja hoor! Prima!'

3. mei, 2015

'Voor een nieuw TV programma zijn we op zoek naar een tattooshop in Zaandam waar we een van onze kandidaten mogen laten tatoeëren', klinkt een opgewekte stem door de telefoon. 'Via Facebook zijn we bij jullie terechtgekomen.'

Ik vraag wat precies de bedoeling is, om wat voor tattoo het gaat en wanneer ze willen komen.

Morgen al!

Dat is een probleem. Clive zit morgen in Kingdom Alkmaar - ons andere filiaal -volgeboekt. Johe heeft een vrije dag en Gabi wil beslist niet op TV. Toch vind ik het wel heel leuk om de kandidate in kwestie morgen even in het zonnetje te zetten.

Het gaat namelijk om Jacqueline die meedoet aan het programma 'Bizarre Eters', dat gepresenteerd wordt door Dennis Weening en binnenkort te zien is op RTL 5. Jacqueline heeft met behulp van het programma een groot eetprobleem overwonnen. En om deze periode af te sluiten wil ze nu graag een tattoo laten zetten.

Ik vraag Johe of hij me alsjeblieft uit de brand wil helpen. Want naast het feit dat we iemand een hart onder de riem kunnen steken met wat permanente inkt, wordt Kingdom ook nog eens gratis gepromoot op RTL 5 en - eerlijk is eerlijk - dat vind ik wel een hele leuke bijkomstigheid.

'Is my free day', sputtert Johe.

Toch belooft hij te komen. En dat is echt geweldig, want Johe gaat vanavond naar een concert van 'Die Antwoord' en zal de hele nacht zijn bed niet zien. Desondanks zal hij zijn vrije dag opofferen. Ik waardeer het enorm, want het enige dat Johe er wijzer van wordt is het feit dat ik zijn treinkaartje betaal.

Ook Jaqcueline is meer dan blij met Johe's kado. Ze belt me op om me te vertellen wat ze graag zou willen en aan de telefoon teken ik met haar mee. Daarna gaat mijn schetsje naar Johe die het verder uitwerkt tot een heus tattoo design.

En dan is het wachten op de crew van 'Bizarre Eters'.

De volgende dag om tien voor twee, bijna drie kwartier te vroeg, komt Jacqueline binnen. Ik laat haar nog niet het ontwerp zien, maar bied haar wel een kopje koffie aan.

Wanneer ze in de wachtruimte plaats neemt en van haar bekertje nipt, begint ze te vertellen over de problemen die ze dankzij het programma heeft overwonnen. Ze heeft zich voor het programma opgegeven omdat ze al jaren geen normaal eetpatroon heeft, maar raakte tijdens de screening compleet in paniek toen ze een bord broccoli met zalm en een gemengde salade met gevulde champignons voorgeschoteld kreeg. Een gerecht waar ik met liefde voor zou betalen in een goed restaurant.

Maar Jacqueline raakte er volledig door van de rel. Daardoor besefte ze hoe groot haar probleem eigenlijk was. Ze leefde lange tijd alleen op beschuit met hagelslag, wit brood met chocopasta. En liters Yokidrink. Het enige aan warm eten dat ze binnen kreeg was friet met schnitzel of een frikadel; het enige voedsel waarvan ze de structuur kon verdragen. Voor het programma van start ging diende ze dan ook eerst af te kicken van haar suikerverslaving. Met als gevolg dat ze dagen boven de pot heeft gehangen. Zo ziek werd ze daarvan. Alle 'gif' moest eerst haar lichaam verlaten voor ze zich andere - gezonde- eetgewoonten zou kunnen gaan aanleren.

Jacqueline praat honderduit en ik vraag haar of ze nog een kopje koffie wil. Dan twijfelt ze. 'Eh...nee, dank je.' Om direct daarop toe te geven dat het eten niet haar enige probleem is. Ook met tellen heeft ze een probleem. 'Ik zat even te denken of ik na het tweede kopje koffie nog wel zin zou hebben in een derde', legt ze uit. 'Ik moet namelijk altijd een kopje koffie drinken, of drie. Alles wat ik zie of doe moet deelbaar zijn door 3. Dan voel ik me veilig'.

Ze wijst naar het scherm voor de piercinghoek dat bestaat uit meerdere vakken. 'Ik heb die vakken geteld en kwam uit op 3 luiken die bestaan uit 6 vakken, dus dat is goed. En daar staat een beeld in de vorm van boeken. Dat zijn er ook zes, dus dat is ook goed. Dat zijn nu hier mijn veilige punten waar ik me op kan concentreren. Dat heb ik geleerd op therapie, om overal waar ik kom, mezelf te concentreren op een paar veilige zones. Dat heb ik ook echt nodig, anders wil ik alles hier in de shop tellen en dat is zo vermoeiend....'

Jacqueline verbaast me. Aan de buitenkant zie je helemaal niets van die enorme rugzak die ze al haar hele leven meetorst. Ze oogt zo vrolijk, kan zich ontzettend goed verwoorden. Door de manier waarop ze alles vertelt begrijp ik haar en heb ik alleen maar meer respect voor het feit dat ze de stoute schoenen heeft aangetrokken en de confrontatie met haar angst voor eten is aangegaan.

Inmiddels is het half drie en komen de eerste mensen van RTL binnen. De regisseur, de cameraman en de geluidsman. Presentator Dennis laat nog heel even op zich wachten, maar uiteindelijk heeft ook hij de weg naar Kingdom kunnen vinden. Johe is er nog steeds niet maar heeft me wel net een app-je gestuurd waarin hij laat weten dat hij onderweg is. 'I am at the station. I go go go!'

Om kwart voor drie komt Johe aangerend. Ik ben blij dat hij er is en de opnames nu van start kunnen gaan. Het ontwerp bestaat uit een vork, een mes en een lepel. Op die manier gerangschikt zodat ze samen een soort ster vormen. Eromheen liggen wat stenen die staan voor 'Stepping Stone', de naam van het productiebedrijf dat 'Bizarre Eters' produceert. En voor de stappen die ze zelf nog zal moeten nemen om haar probleem te overwinnen.

Tenslotte is het de beurt aan Johe om zijn rol te vervullen. Met veel toewijding zet hij de eerste lijnen. Niet veel later volgen de schaduwen en binnen een half uur staat Jacquelines nieuwe leven voor iedereen zichtbaar in haar onderarm gegraveerd. Iedereen is blij.

Vooral Johe. Die mag nu eindelijk lekker naar bed.