Blog

4. dec, 2018

De cliënt die ik vandaag voor me heb zitten, kwam binnen via één van mijn andere cliënten. Het betreft een zakenman. Ik ken hem van naam, maar (nog) niet als persoon wanneer hij bij me aanbelt. Ik ben een beetje zenuwachtig, omdat ik al weet wat hij mij straks wil gaan vragen. Via de telefoon heeft hij me namelijk laten weten voor een zeer belangrijke keuze te staan op zowel financieel als zakelijk gebied. En hij komt er niet uit.

Natuurlijk heb ik al ontelbare keuze readings gedaan, maar…die gingen niet gepaard met met de hoeveelheid guldens (ja, het was nog in díe tijd) die hij kan verliezen als ik hem met het verkeerde antwoord het bos in stuur. Ik voel dus wel degelijk enige druk.

‘Ik hoop dat u begrijpt dat ik ook niet alwetend ben’, druk ik hem nogmaals op het hart wanneer hij met een kop koffie tegenover me aan tafel zit. Stiekem hoop ik dat hij van het consult afziet en alsnog op eigen houtje – al dan niet met behulp van een zakelijk adviseur - een beslissing zal nemen. Maar nee. Hij wil ‘een kaartje leggen’. Alsof we een middagje gaan klaverjassen…

‘Ik ben me daar terdege van bewust’, is zijn antwoord. ‘Maar wees gerust, ik zal mijn volgende stappen met betrekking tot deze zaak niet van jouw reading af laten hangen’…

Net als ik opgelucht wil ademhalen, voegt hij eraan toe:

‘Maar ik zal het zeker meenemen in mijn beslissing.’

Fantastisch.

‘Ik heb echt geen enkel verstand van dit soort zaken’, probeer ik nog. Maar dat is juist wat hij er fijn aan vindt. ‘Jij gaat er open en onbevooroordeeld in, laat je niet beïnvloeden door de voorkennis die ik wel heb’ verklaart hij zijn behoefte aan mijn advies. Geen zorgen, ik ben gewoon benieuwd wat jij ervan vindt. En vooral dus wat de kaarten ervan zeggen’.

Voor hij het deck ter hand neemt om te schudden, leg ik hem uit dat ik deze reading sámen met hem zal doen in plaats van vóór hem. Dit – nogmaals – met het oog op de enorme verantwoordelijkheid die ik voel met het oog op de bedragen die met deze kwestie zijn gemoeid

Hij glimlacht en knikt.

De vraag betreft een keuze tussen twee zakenpartners. Hij heeft twee enorme opdrachten gekregen. Met de één kan hij belachelijk veel geld verdienen, met de ander nog meer. Hij kan echter maar één opdracht aannemen, omdat hij anders in tijdnood komt. Echter, bij allebei de opdrachtgevers spelen er verschillende issues mee, ze hebben zogezegd allebei hun plus - en minpunten. Kort samen gevat: welke opdrachtgever gaat het worden?

De kaarten die de opdrachtgever representeren, met wie hij veel geld kan verdienen, zien er allemaal goed uit. Afgezien van enige vertraging met betrekking tot de productie én met het oog op de betaling zijn er weinig problemen te verwachten. Uiteindelijk komt alles goed.

De kaarten die staan voor de opdrachtgever met wie hij minstens het drievoudige kan verdienen, zien er echter een stuk minder blij uit. Obstakels, verlies en zelfs ruzie en onenigheid. De zakenman kijkt met me mee en zegt zelf al bij de aanblik van zoveel duisternis op tafel: ‘ Dat moesten we maar niet doen, hè?’

Op basis van de kaarten ben ik het volledig met hem eens. Nee, dat ziet er inderdaad niet goed uit. 

Voor hij weggaat laat hij me weten erover na te denken en belooft hij nog contact te zullen opnemen over zijn uiteindelijke beslissing en het verloop hiervan.

Hoewel ik nog regelmatig terug denk aan dit consult, hoor ik een hele poos niets van de man. Nou ja. Geen bericht, goed bericht, denk ik. Pas een jaar later belt hij me uit het niets op. ‘Ik zou je nog laten weten hoe een en ander is gegaan’.

Het zweet staat in mijn handen.

‘Ik heb destijds na jouw reading toch gekozen voor de eerste opdrachtgever. Die waar de kaarten zo positief over waren. Alles is gegaan zoals de kaarten voorspelden. Vertraging van beide kanten, maar toch met een goede afloop.’

Er valt haast letterlijk een enorme last van mijn schouders.

‘Ik ben ongelooflijk blij dit te horen!’

‘Gek genoeg lieten de kaarten me zien wat ik zelf onbewust ook al wist', geeft hij nu toe. 'Voor de reading plaats vond, had ik zelf, ondanks het om een aanzienlijk minder groot bedrag ging dan bij de tweede, ook al een beter gevoel bij de eerste opdrachtgever. Ik kon alleen niet verklaren waarom, daarom wilde ik een reading, als een soort van second opinion. De kaarten hebben uiteindelijk de doorslag gegeven'.

‘En die andere opdrachtgever?’ vraag ik nieuwsgierig.

‘Die heb ik nooit meer gesproken. En gelukkig maar, want vorige week hoorde ik dat hij failliet is verklaard.’

25. nov, 2018

'Met Nathalie Kriek'

'Goeiemorgen Nathalie Kriek, je spreekt met...'

Een luide stem met een plat Amsterdams accent spreekt me toe via de telefoon.

'Luister, ik heb goeie verhalen over jou gehoord. Ik heb je hulp nodig'.

Ik voel me vereerd vanwege de kennelijk goede mond tot mond reclame, en vraag de man beleefd hoe ik hem van dienst zou kunnen zijn.

'Ik zou dat graag persoonlijk met je willen bespreken, het is nogal een verhaal. Wanneer heb je tijd?

Ik blader door mijn agenda.

'Volgende week vrijdag zou eventueel kunnen.'

Maar de stem neemt er geen genoegen mee. Het is nogal dringend en eigenlijk wil hij vanmiddag nog langskomen. Als het niet te veel gevraagd is.

Eigenlijk is dat het wel. Het is gillend druk vandaag en hoewel ik me normaliter niet zo snel laat overrompelen, geef ik de ongeduldige klant toch zijn zin. Na de goede berichten die hij over mij heeft gehoord - ik vraag me af van wie - wil ik hem niet teleurstellen. Ik ga wel een uurtje langer door vandaag.

Diezelfde middag staat de ongeduldige klant voor de deur.

Eerst komt er een grote bos bloemen binnen, gevolgd door het gezicht van een boomlange man met een enorme uitstraling.

'Een bloemetje voor de moeite, omdat je toch maar meteen tijd voor me hebt gemaakt'.

Dankbaar en verbaasd tegelijk pak ik de dure bos van hem aan. Het gebeurt niet vaak dat klanten bij hun eerste bezoek bloemen meebrengen.

'Dank u wel, komt u verder...'

Terwijl hij plaatsneemt aan tafel vraag wat hij wil drinken (koffie) en of hij er een koekje bij lust (lekker!)

'Zet eerst die bloemen maar effe in het water voor ze doodgaan', zegt hij. 'Dat zou zonde zijn, of niet!'

'Ik zet ze wel even in een emmer', antwoord ik vanuit de keuken.

'Heb je geen vaas?' vraagt hij verbaasd.

'Jawel, maar ik moet ze ook nog afsnijden en dat duurt even'.

'Doe maar', klinkt het vanuit de huiskamer. 'Ik heb de tijd'.

Ja, jij misschien wel, maar ik niet, denk ik bij mezelf.

Toch doe ik wat hij zegt. Misschien wil hij zien hoe ze op tafel staan. Dus nadat ik hem een beker dampende koffie heb voorgezet en een schaaltje boterkoekpunten, sta ik zomaar tien minuten te bloemschikken.

'Heerlijke boterkoek!' klinkt het smakkend uit de huiskamer. 'Zelf gebakken?'

'Zelf gekocht', antwoord ik flauw.

'Echt héérlijk!' herhaalt hij.

Het is heel gek, ik heb deze man nog nooit eerder ontmoet, maar we praten met elkaar alsof hij hier al jaren over de vloer komt. Hoewel hij behoorlijk dominant is, vind ik hem toch sympathiek. Hij heeft iets.

Wanneer ik met de vaas bloemen binnen kom, is het schaaltje leeg. Terwijl hij aan zijn koffie nipt, zegt hij: 'Kijk eens hoe prachtig!'

'Ja, mooi hè?'

'Zeker! Ja... de bloemen ook hoor...' lacht hij ondeugend terwijl hij me een knipoog geeft.

Omdat flirten met de cliënt niet tot het pakket behoort, ga ik er niet op in. In plaats daarvan ga ik tegenover hem zitten en vraag ik hem wat hem hier gebracht heeft.

Dan komt de aap uit de mouw.

'Ja, luister....ik ga binnenkort een handeltje met iemand beginnen. Niet legaal zeg maar. Die gozer met wie ik het ga doen, heeft wel hele goeie contacten, maar eerlijk gezegd heb ik over hem zelf niet zo'n goed gevoel. '

Terwijl hij me zo beknopt mogelijk uitlegt waar 'het handeltje' uit bestaat, hetgeen om ernstigere zaken gaat dan ik dacht, probeer ik zo gewoon mogelijk te blijven kijken. De klant is koning, hij mag me alles vragen.

'Kortom, ik kan een boel geld verdienen met hem, maar als ie me naait kan ik nog veel meer verliezen, zeg maar.'

'En nu wil je van mij weten of hij te vertrouwen is...' vul ik hem aan.

Hij grijnst tevreden.

'Jij snapt het.'

Ik geef hem de kaarten en laat hem deze schudden.

'Je hebt zeker geen foto van hem?' vraag ik.

'Nee, schat. Dat lijkt me niet zo handig'.

Voor de reading wel, denk ik, maar ik besluit mijn mond verder maar te houden.

Bij nader inzien blijkt een foto ook niet echt nodig. De kaarten die hij trekt en de manier waarop deze in het legpatroon vallen, zeggen eigenlijk al genoeg.

‘Ik zou het niet doen’, raad ik mijn cliënt af. Ik vertel hem eerlijk wat ik in de kaarten zie en waarom het niet verstandig is om met deze meneer in zee te gaan.

‘Godverdomme!’ vloekt hij, terwijl hij met zijn vuist keihard op mijn tafel slaat. ‘Ik wist het wel, de vuile gluiperd!’

Stoïcijns kijk ik hem aan. Niet reageren op deze woede uitbarsting lijkt me nu het beste. Zijn pikzwarte ogen spuwen vuur.

'Nog koffie?' leid ik hem af.

'Graag, heb je nog van die lekkere koek?'

Ik ga naar de keuken en zet hem een verse koffie en een nieuwe schaal boterpunten voor. Dat kalmeert hem.

‘Godverdomme….’ vloekt hij nu iets zachter. Ik trek mijn wenkbrauwen op. ‘Tja…’

‘Je hebt gelijk ook’, zegt hij inmiddels weer wat rustiger. ‘Ik ga het niet doen ook. Klootzak. Ik ben in ieder geval blij dat je eerlijk tegen me bent.’ Ik knik.

‘Uiteraard’.

Wanneer hij uiteindelijk met zijn jas aan weer bij de deur staat en ik hem de hand schud, houdt hij deze langer dan nodig vast en kijkt hij me met zijn arendsogen van dichtbij nogmaals doordringend aan. ‘Dit blijft wel tussen ons hè, schoonheid?’

‘Discretie verzekerd’.